Als je schulden hebt en een schuldeiser legt beslag op je loon of uitkering, mag dat niet zomaar je hele inkomen opslokken. De wet schrijft voor dat je altijd genoeg moet overhouden om van te leven. Dat minimum heet de beslagvrije voet.
Klinkt eenvoudig, maar in de praktijk gaat het vaak mis. Schuldeisers of uitkeringsinstanties rekenen de voet verkeerd uit. Het gevolg: je houdt te weinig over en komt in nog grotere problemen. In dit artikel lees je hoe de beslagvrije voet werkt, hoe je hem zelf controleert en wat je kunt doen als het fout gaat.
Wat is de beslagvrije voet?
De beslagvrije voet is een wettelijk beschermd minimumbedrag. Als er beslag ligt op je inkomen, mag je schuldeiser of de overheid nooit meer inhouden dan het bedrag dat boven deze grens uitkomt. Alles tot en met de beslagvrije voet blijft van jou.
De voet is bedoeld om te voorkomen dat je door schuldinvordering niet meer kunt rondkomen. Denk aan boodschappen, huur, energie en andere basisuitgaven. Zonder deze bescherming zou beslag iemand volledig financieel ruïneren.
De beslagvrije voet geldt bij verschillende vormen van beslag:
- Loonbeslag door een schuldeiser
- Inhouding door het CJIB (boetes, verkeersboetes)
- Inhouding door de Belastingdienst (toeslagterugvordering)
- Beslag door gerechtsdeurwaarders
Het maakt niet uit hoe hoog je schuld is of hoe lang je al in de problemen zit. De beslagvrije voet is een harde grens die voor iedereen geldt. Zelfs als je tien schuldeisers hebt en een openstaande belastingschuld van tienduizenden euro's, mag het totale inhoudingsbedrag nooit zover gaan dat je onder de voet uitkomt.
Bij een schuldhulptraject via de gemeente wordt de beslagvrije voet ook als uitgangspunt gebruikt om te bepalen hoeveel je kunt aflossen. Meer over dat traject lees je bij schuldhulpverlening gemeente.
Hoe wordt de beslagvrije voet berekend in 2026?
Sinds de invoering van de Wet vereenvoudiging beslagvrije voet in 2021 is de berekening veranderd. Vroeger moest je zelf allerlei gegevens aanleveren. Nu berekenen schuldeisers en deurwaarders de voet automatisch via gegevens van de Belastingdienst en het UWV.
De berekening is gebaseerd op:
- Je netto-inkomen (loon, uitkering of bijstand)
- Je woonsituatie (huur of koop, alleen of met partner)
- Of je kinderen hebt die bij je wonen
- Of je huurtoeslag of zorgtoeslag ontvangt
De uitkomst is een percentuele berekening van het toepasselijke sociaal minimum. Grofweg geldt: je beslagvrije voet is een percentage van de bijstandsnorm die bij jouw situatie hoort. In 2026 worden die normen elk halfjaar geïndexeerd aan de hand van loonontwikkelingen.
Concreet betekent dit dat een alleenstaande huurder een andere (doorgaans lagere) beslagvrije voet heeft dan een gezin met twee inkomens. En iemand met huurtoeslag heeft recht op een hogere voet dan iemand zonder toeslag.
Een praktisch voorbeeld: stel, je bent alleenstaand, je huurt een woning en je ontvangt huurtoeslag. Je netto-inkomen is 1.600 euro per maand. Dan kan je beslagvrije voet uitkomen op zo'n 1.300 tot 1.400 euro, afhankelijk van de exacte normen op dat moment. De schuldeiser mag dan maximaal 200 tot 300 euro per maand inhouden.
Heb je een partner met een eigen inkomen? Dan wordt dat inkomen meegewogen. Verdienen jullie samen meer dan het sociaal minimum, dan kan de beslagvrije voet lager uitvallen dan wanneer je alleen woont. De gedachte is dat het huishouden als geheel genoeg overhoudt, niet enkel de persoon op wie het beslag rust.
De BVV-tool: je voet zelf controleren
Wil je weten of de berekende beslagvrije voet in jouw situatie klopt? Je kunt dat zelf controleren via de BVV-tool (Beslagvrije Voet-tool) op de website van het NVVK of via rechtsbijstandsorganisaties. Ook de Geldfit-website van het Nibud heeft een rekenhulp.
Voor de berekening heb je de volgende gegevens nodig:
- Je netto maandinkomen (inclusief eventuele toeslagen)
- Je woonsituatie: alleen of met partner, huur of koop
- Aantal thuiswonende kinderen waarvoor je kinderbijslag ontvangt
- Of je zorgtoeslag en/of huurtoeslag krijgt
Vul je de tool correct in, dan zie je welk bedrag de schuldeiser maximaal mag inhouden. Vergelijk dat met wat er nu werkelijk wordt ingehouden. Verschilt het? Dan is er mogelijk een fout gemaakt.
Let op: de tool geeft een indicatie. Bij complexe situaties — meerdere schuldeisers, wisselend inkomen, of inhouding door meerdere instanties tegelijk — is professioneel advies verstandig.
Gebruik de tool niet alleen om fouten te ontdekken, maar ook als je verwacht dat er binnenkort beslag gelegd wordt. Als je weet wat je beslagvrije voet is, kun je beter inschatten wat er op je afkomt en hoe je je financien regelt in die periode. Dat geeft meer grip, ook al is de situatie moeilijk.
Houd er rekening mee dat de tool werkt met de actuele normen. Als de bijstandsnormen per 1 januari of 1 juli worden aangepast, kan jouw beslagvrije voet ook veranderen. Controleer dus niet eenmalig, maar check opnieuw als er iets wijzigt in je situatie of als het nieuwe halfjaar is begonnen.
Veelgemaakte fouten bij de berekening
Uit onderzoek van de Nationale Ombudsman bleek al eerder dat de beslagvrije voet structureel te laag werd berekend. Dat had grote gevolgen voor duizenden mensen. Hoewel de wet in 2021 is vereenvoudigd, gaan er nog steeds dingen mis.
De meest voorkomende fouten zijn:
- Toeslagen niet meegeteld: als je huurtoeslag of zorgtoeslag ontvangt maar de berekening houdt er geen rekening mee, is de voet te laag ingesteld.
- Verkeerde leefsituatie: er wordt uitgegaan van een partner, terwijl je alleen woont (of andersom).
- Meerdere beslagen niet op elkaar afgestemd: als meerdere schuldeisers beslag leggen, moet de optelsom van inhoudingen nog steeds de beslagvrije voet respecteren.
- Geen rekening met wisselend inkomen: bij flexwerk of zzp-inkomen kan het inkomen per maand sterk verschillen, wat berekeningen bemoeilijkt.
- Verouderde gegevens: de schuldeiser werkt nog met oude inkomensgegevens, terwijl jouw situatie is veranderd.
Een bijzonder hardnekkige fout is die met toeslagen. Stel, je ontvangt maandelijks 200 euro huurtoeslag. Als de berekening die toeslag negeert, wordt je beslagvrije voet 200 euro te laag vastgesteld. Dat klinkt misschien niet enorm, maar over een jaar betekent dat 2.400 euro te veel ingehouden. Geld dat je had moeten houden voor je levensonderhoud.
Ook de leefsituatiefout is schadelijk. Stel, je woont alleen maar de schuldeiser gaat ervan uit dat je een partner hebt met inkomen. Dan berekent het systeem een lagere beslagvrije voet voor jou, omdat het aanneemt dat er nog een tweede inkomen is om van te leven. In werkelijkheid heb je dat tweede inkomen niet en schiet je tekort.
Hoe betwist je een foutieve berekening?
Denk je dat de beslagvrije voet verkeerd is berekend? Dan zijn er concrete stappen die je kunt zetten.
Stap 1 — Controleer de berekening: gebruik de BVV-tool en verzamel je eigen inkomensgegevens. Maak een overzicht van wat er ingehouden wordt en wat er ingehouden mag worden.
Stap 2 — Neem contact op met de schuldeiser of deurwaarder: stuur een schriftelijk verzoek om de berekening te herzien. Voeg je onderbouwing en bewijsstukken toe (loonstroken, toeslag-beschikkingen, huurcontract).
Stap 3 — Dien een klacht in: als de schuldeiser niet meewerkt, kun je een klacht indienen bij de schuldeiser zelf, bij het CJIB, bij de Belastingdienst of bij een toezichthouder, afhankelijk van wie het beslag heeft gelegd.
Stap 4 — Vraag hulp: als je er niet uitkomt, schakel dan een schuldhulpverlener, sociaal raadslid of rechtsbijstandverlener in. Zij kunnen namens jou optreden en de berekening laten corrigeren.
In ernstige gevallen kun je naar de rechter stappen. Een gerechtsdeurwaarder is verplicht om de beslagvrije voet correct te berekenen. Doet hij dat niet, dan kan hij tuchtrechtelijk aansprakelijk worden gesteld.
Bewaar altijd schriftelijk bewijs van je bezwaar. Stuur je brief per aangetekende post of per e-mail met leesbevestiging. Zo kun je later aantonen dat je het probleem tijdig hebt gemeld. Dit is belangrijk als je claim recht heeft op terugbetaling van te veel ingehouden bedragen.
In sommige gevallen kun je ook terugbetaling eisen van wat te veel is ingehouden. Als de schuldeiser erkent dat de berekening fout was, kun je verzoeken om het verschil te verrekenen of terug te storten. Vraag dit altijd expliciet. Schuldeisers doen dit niet automatisch.
Meerdere schuldeisers tegelijk — hoe werkt dat?
Het kan voorkomen dat meerdere partijen tegelijk beslag willen leggen op je inkomen: de Belastingdienst, een gerechtsdeurwaarder en het CJIB tegelijkertijd. In dat geval geldt er één gezamenlijke beslagvrije voet.
De inhoudingen van alle partijen bij elkaar opgeteld mogen niet meer zijn dan het bedrag boven de beslagvrije voet. Is je inkomen 1.800 euro en is je beslagvrije voet 1.500 euro, dan kunnen alle schuldeisers samen maximaal 300 euro per maand inhouden — niet elk 300 euro apart.
In de praktijk werken schuldeisers echter niet altijd goed samen. Ieder houdt in op basis van zijn eigen berekening, zonder te weten wat de ander inhoudt. Hierdoor kan de totale inhouding te hoog uitvallen. Meld dit altijd bij je schuldhulpverlener of bij de gemeente. Zij kunnen de schuldeisers aanschrijven en een correctie afdwingen.
Er bestaat een systeem waarbij schuldeisers elkaars beslagen kunnen inzien. In de praktijk wordt dit niet altijd goed bijgehouden. Zeker als een beslag via een privaatrechtelijke schuldeiser loopt én tegelijk via de overheid, is er kans dat de communicatie hapert. Houd zelf bij wie wat inhoudt en vergelijk dat elke maand met je bankafschrift. Als de bedragen niet kloppen, ga er meteen op af.
Een handige aanpak: maak een simpel overzicht met drie kolommen. Kolom één: de schuldeiser. Kolom twee: het bedrag dat zij claimen in te mogen houden. Kolom drie: wat ze daadwerkelijk inhouden. Als de som van kolom drie meer is dan het bedrag boven je beslagvrije voet, is er een probleem. Dit overzicht helpt je ook bij het gesprek met een schuldhulpverlener.
Beslagvrije voet en schuldhulpverlening
Als je een schuldhulptraject volgt via de gemeente of een erkende NVVK-instelling, speelt de beslagvrije voet een centrale rol. De schuldhulpverlener berekent op basis van de voet wat je maandelijks kunt aflossen. Dat aflossingsbedrag gaat naar een schuldbeheerrekening of saneringskrediet. Je ontvangt de rest als leefgeld.
Tijdens een minnelijk of wettelijk schuldhulptraject (WSNP) zijn schuldeisers verplicht om de beslagvrije voet te respecteren. Ze mogen niet buiten het traject om extra beslag leggen als je officieel in een beschermd schuldhulptraject zit.
Een beschermingsbewind kan in sommige gevallen ook helpen. De bewindvoerder beheert je financiën en zorgt dat schuldeisers de juiste voet aanhouden. Meer hierover bij beschermingsbewind.
In een schuldhulptraject werkt de beslagvrije voet ook als een soort planningsinstrument. De schuldhulpverlener weet precies hoeveel je kunt aflossen zonder dat je tekortkomt voor basisuitgaven. Op basis daarvan wordt een aflossingsplan opgesteld dat realistisch is. Dat is ook in het belang van de schuldeisers: zij krijgen zo meer terug dan wanneer je door te hoge inhoudingen opnieuw in de problemen komt en stopt met betalen.
Vraag bij de start van een schuldhulptraject altijd om een schriftelijk overzicht van je berekende beslagvrije voet en het geplande leefgeld. Zo weet je precies waar je aan toe bent en kun je controleren of het klopt.
Wat als je inkomen wisselend is?
Freelancers, zzp'ers en mensen met een nulurencontract hebben een inkomen dat elke maand kan verschillen. Dat maakt de berekening van de beslagvrije voet ingewikkelder.
In de wet is bepaald dat bij wisselend inkomen gemiddeld gerekend mag worden, maar dit moet wel correct worden bijgehouden. Als je maand-voor-maand onderbetaald wordt omdat schuldeisers steeds uitgaan van een oud gemiddelde, kun je dit aanvechten.
Zorg dat je iedere maand je inkomensgegevens bijhoudt. Bewaar loonstroken, facturen en bankafschriften. Zo kun je bij een dispuut aantonen wat je werkelijk verdiende. Ga je in schuldhulp? Geef dan ook wisselende inkomens correct door. Dat voorkomt dat de voet structureel te laag wordt vastgesteld.
Een praktisch probleem bij wisselend inkomen is dat de schuldeiser werkt met een gemiddelde uit het verleden, terwijl jouw huidige inkomen lager is. Stel, je verdiende de afgelopen zes maanden gemiddeld 2.000 euro netto, maar je bent nu minder gaan werken en verdient 1.400 euro. Als de schuldeiser nog rekent met het oude gemiddelde, kan de inhouding te hoog uitvallen voor jouw huidige situatie.
Meld dit direct. Stuur een recente bankafschrift, factuuroverzicht of loonspecificatie mee als bewijs. Vraag om een herberekening op basis van je actuele inkomen. Je hebt daar recht op. De schuldeiser is verplicht om met actuele gegevens te werken als jij die aanlevert.
Als zzp'er is het extra verstandig om je gemiddeld maandinkomen zelf bij te houden in een eenvoudig spreadsheet. Dat geeft je snel een beeld als je wordt aangesproken over een berekening. En het helpt om te onderbouwen welk bedrag redelijk is als basis voor de beslagvrije voet.
Welke instanties houden zich aan de beslagvrije voet?
De beslagvrije voet is van toepassing bij vrijwel alle vormen van loonbeslag en inhouding. Maar er zijn uitzonderingen en nuances.
Wel gebonden aan de beslagvrije voet:
- Gerechtsdeurwaarders bij civiele beslagen
- Het CJIB bij boetes en schadevergoedingsmaatregelen
- Belastingdienst bij terugvordering van toeslagen
- UWV bij terugvordering van uitkeringen
Speciale regels:
- Alimentatie: hier geldt een hogere prioriteit dan andere schulden, maar de beslagvrije voet blijft van toepassing
- Dwangsom bij overheid: ook dan geldt een minimumbescherming
Als je twijfelt of een inhouding terecht is, laat dat dan checken door een schuldhulpverlener of het sociaal loket van je gemeente. Dat kan gratis.
Er is een situatie die vaak voor verwarring zorgt: de terugvordering van te veel ontvangen bijstand of uitkering. Veel mensen denken dat de gemeente of het UWV dan vrij is om het hele terugvorderingsbedrag in te houden. Dat klopt niet. Ook bij terugvordering van uitkeringen geldt de beslagvrije voet. Het terugvorderingsbedrag wordt in termijnen ingehouden die jouw voet niet mogen onderschrijden.
Soms merk je de inhouding niet direct, omdat het automatisch van je uitkering afgaat. Controleer je beschikking of uitkeringsspecificatie elke maand. Staat er een inhouding op die je niet herkent of waarvan de hoogte niet klopt, vraag dan om uitleg. Je hebt altijd recht op een schriftelijke toelichting van de reden en hoogte van een inhouding.
Ten slotte: sommige instanties claimen dat ze niet gebonden zijn aan de beslagvrije voet of dat er een uitzondering geldt. Wees kritisch. De beslagvrije voet is wettelijk verankerd en geldt breed. Als een instantie beweert dat ze een uitzondering heeft, vraag dan om de wettelijke basis. Heeft de schuldhulpverlener of het sociaal loket twijfels? Dan kan er via de rechter om een voorlopige voorziening worden gevraagd om de inhouding tijdelijk te stoppen terwijl de zaak wordt uitgeplozen.
Belangrijk om te weten
Dit artikel is informatief en geen financieel advies. Geld lenen kost geld. Leen alleen bedragen die je verantwoord kunt terugbetalen. Twijfel je? Neem dan contact op met een onafhankelijk financieel adviseur, je gemeente of een geregistreerde schuldhulpverlener. Meer info bij de AFM en de BKR.
Veelgestelde Vragen
De beslagvrije voet is het minimumbedrag dat je per maand moet overhouden als er beslag ligt op je inkomen. Schuldeisers mogen alleen het deel boven dit bedrag inhouden.
De hoogte verschilt per situatie en wordt berekend op basis van je inkomen, woonsituatie, toeslagen en gezinssamenstelling. Er is geen vast bedrag. Gebruik de BVV-tool op Geldfit.nl voor een berekening op maat.
Controleer de berekening met de BVV-tool, verzamel bewijsstukken en vraag de schuldeiser schriftelijk om herziening. Helpt dat niet, schakel dan een schuldhulpverlener of sociaal raadslid in.
Ja. Ook de Belastingdienst is bij terugvordering van toeslagen gebonden aan de beslagvrije voet. Ze mogen je niet zo veel inhouden dat je onder de minimumgrens uitkomt.
Ja, maar de totale inhouding van alle schuldeisers samen mag de beslagvrije voet niet overschrijden. Als dat toch gebeurt, is dat een fout die je kunt melden en laten corrigeren.
De BVV-tool is een online rekenhulp waarmee je zelf de beslagvrije voet kunt berekenen. Je vindt hem via Geldfit.nl of via websites van schuldhulporganisaties zoals de NVVK.
Ja. Een bewindvoerder beheert je financiën en houdt toezicht op correcte inhouding door schuldeisers. Dat kan helpen als je er zelf niet uitkomt.