Geld lenen van familie: hoe doe je dat juridisch goed?
Lenen zonder BKR-toetsing

Geld lenen van familie: hoe doe je dat juridisch goed?

Alles over leningovereenkomsten, rente, fiscale regels en het verschil met schenken

R
Redactie
· 12 min leestijd

Geld lenen van een familielid lijkt eenvoudig: je spreekt een bedrag af, maakt een afspraak en klaar. Maar in de praktijk gaat het regelmatig mis. Zonder goede afspraken op papier ontstaan er misverstanden over terugbetaling, rente en of het eigenlijk wel een lening was. De Belastingdienst kijkt ook mee.

In dit artikel lees je hoe je een familielening juridisch op de juiste manier regelt. Van het opstellen van een overeenkomst tot de fiscale gevolgen voor jou en je familielid.

Waarom schriftelijke afspraken onmisbaar zijn

Een mondelinge afspraak is in theorie ook rechtsgeldig, maar in de praktijk bijna onmogelijk te bewijzen. Als er later ruzie ontstaat over hoeveel er is afgesproken of wanneer je moet terugbetalen, heb je zonder papieren bewijs een probleem.

Een schriftelijke leningovereenkomst beschermt beide partijen. Het is niet alleen handig, maar in sommige gevallen ook wettelijk noodzakelijk. De Belastingdienst eist bij bepaalde familieleningen dat er een zakelijke overeenkomst is. Zonder die overeenkomst kan de lening worden aangemerkt als schenking, met belastinggevolgen als gevolg.

Een leningovereenkomst hoeft niet bij een notaris te worden opgesteld. Je kunt het zelf regelen, zolang alle afspraken er duidelijk in staan. Let op: bij grotere bedragen of complexe situaties is notarieel advies wel verstandig.

Een veelgemaakte fout is wachten met het opstellen van een overeenkomst totdat er al problemen zijn. Op dat moment verwijten partijen elkaar van alles en is het moeilijker om tot overeenstemming te komen. Regel het dus vóórdat het geld wordt overgemaakt — niet erna. Een handtekening vóór de overboeking is juridisch waterdicht; een handtekening achteraf roept vragen op over wanneer de afspraak precies is gemaakt.

Ook voor de sfeer in de familie is een schriftelijke overeenkomst beter dan het lijkt. Mensen denken soms dat het wantrouwen uitstraalt om iets op papier te zetten. Maar juist het omgekeerde is waar: wie alles opschrijft, voorkomt dat er later over en weer beschuldigingen komen. Het is geen kwestie van vertrouwen, maar van duidelijkheid.

Wat staat er in een goede leningovereenkomst?

Een leningovereenkomst tussen familieleden bevat minimaal de volgende onderdelen:

  • Namen en adressen van uitlener en lener
  • Het geleende bedrag
  • De datum waarop het geld wordt overgedragen
  • De rente — het percentage en hoe dit wordt berekend
  • De looptijd — hoe lang duurt de lening?
  • Het aflossingsschema — wanneer betaal je hoeveel terug?
  • Wat er gebeurt bij niet-betaling — zijn er boetes of andere gevolgen?
  • Handtekeningen van beide partijen

Bewaar de overeenkomst goed en zorg dat beide partijen een ondertekend exemplaar hebben. Noteer ook de bankoverschrijving waaruit blijkt dat het bedrag is overgemaakt.

Naast deze verplichte onderdelen zijn er ook optionele bepalingen die je kunt opnemen. Denk aan een clausule over wat er met de lening gebeurt als de uitlener overlijdt, of een regeling voor tussentijdse aanpassingen van het aflossingsschema als de lener tijdelijk in financiële problemen raakt. Hoe meer scenario's je vooraf afdekt, hoe kleiner de kans dat er later discussies ontstaan.

Sommige mensen gebruiken een standaardsjabloon voor een leningovereenkomst van internet. Dat kan, maar controleer dan altijd of alle onderdelen er echt in zitten. Een sjabloon dat mist dat je de lening ook moet opgeven bij de Belastingdienst voor renteaftrek, kan je later duur komen te staan.

Stel jezelf ook de vraag: is er sprake van zekerheid? Als het gaat om een grote lening, kun je als uitlener vragen om een zekerheid. Dat kan een persoonlijke borgstelling zijn van iemand anders, of — bij leningen voor vastgoed — een hypotheekrecht. Dit is niet standaard nodig, maar het is een optie als je het risico wilt beperken.

Lening of schenking: wat is het verschil?

Dit onderscheid is fiscaal erg belangrijk. Bij een lening verwacht je het geld terug. Bij een schenking geef je het weg zonder tegenprestatie. De Belastingdienst kijkt kritisch naar familieleningen, omdat mensen soms een schenking als lening presenteren om schenkbelasting te vermijden.

Als de Belastingdienst vaststelt dat de lening eigenlijk een schenking is, dan gelden de normale regels voor schenkbelasting. Er zijn vrijstellingen, maar die zijn begrensd. In 2025 mag je als ouder jaarlijks een bedrag schenkbelastingvrij schenken aan een kind. Dat bedrag verschilt per jaar.

Let op: de eenmalig verhoogde vrijstelling voor de eigen woning (de zogenaamde jubelton) is per 1 januari 2024 volledig afgeschaft. Die optie bestaat niet meer.

Wil je echt een lening verstrekken en geen schenking? Zorg dan voor een zakelijke overeenkomst met realistische afbetalingstermijnen én daadwerkelijke betalingen. Als je familielid nooit iets terugbetaalt en er ook nooit gevolgen zijn, dan ziet de Belastingdienst dat snel als een schenking.

Er zijn ook hybride situaties. Stel dat ouders €50.000 lenen aan een kind, maar achteraf de rente kwijtschelden elk jaar omdat het kind het financieel moeilijk heeft. Technisch gezien is het een lening, maar de kwijtgescholden rente is een jaarlijkse schenking. Als die de jaarlijkse vrijstelling overschrijdt, moet er aangifte schenkbelasting worden gedaan. Dit soort situaties komen vaker voor dan mensen denken en leiden vaak tot naheffingen.

Een ander aandachtspunt: sommige ouders lenen geld aan één kind en niet aan andere kinderen. Later, bij de verdeling van de erfenis, kunnen de andere kinderen zich benadeeld voelen. Het is verstandig om hier van tevoren over na te denken en eventueel vast te leggen of de lening bij overlijden wordt verrekend met het erfdeel of wordt kwijtgescholden.

Welke rente moet je afspreken?

De Belastingdienst verwacht bij een familielening dat er een zakelijke rente wordt gevraagd. Dat betekent: een rente die vergelijkbaar is met wat je bij een bank zou betalen. Leen je geld tegen 0% rente, dan kan de Belastingdienst het rentevoordeel als schenking beschouwen.

Er is geen vaste wettelijke minimum rente voor familieleningen. De richtlijn is dat de rente "marktconform" is. Kijk dus naar wat banken op dat moment vragen voor vergelijkbare leningen en sluit daarbij aan. Dit verschilt per type lening en looptijd.

De rente die de uitlener ontvangt, telt als inkomen in box 1 of box 3, afhankelijk van de situatie. De lener kan de rente in sommige gevallen aftrekken, bijvoorbeeld als de lening voor de eigen woning is gebruikt. Laat je adviseren door een belastingadviseur als dit voor jou relevant is.

In de praktijk kiezen veel families voor een rente die iets lager ligt dan de bankrentes, maar toch niet nul is. Een rente van 2% tot 3% is in veel periodes een verdedigbaar marktconform tarief voor een familielening op middellange termijn. Controleer altijd de actuele bankrentes op het moment van afsluiten en documenteer dat je die hebt vergeleken.

Vergeet ook niet dat de rente vast of variabel kan zijn. Bij een vaste rente staat het percentage voor de hele looptijd vast — overzichtelijk, maar minder flexibel. Bij een variabele rente past de rente zich aan aan de marktrente. Dat kan gunstig zijn als de rentes dalen, maar ook nadelig als ze stijgen. Leg in de overeenkomst vast welke variant van toepassing is en, bij een variabele rente, op basis van welke index de aanpassing plaatsvindt.

Familielening voor de eigen woning

Een populaire vorm van de familielening is geld van ouders lenen om een huis te kopen of te verbouwen. In dat geval gelden specifieke fiscale regels.

Om de betaalde rente te mogen aftrekken in de aangifte inkomstenbelasting, moet de lening voldoen aan bepaalde eisen:

  • Er moet een schriftelijke overeenkomst zijn
  • Er moet daadwerkelijk rente worden betaald
  • De lening moet worden afgelost (minimaal annuïtair of lineair binnen 30 jaar)
  • De lening moet bij de Belastingdienst worden opgegeven via het formulier "Opgave lening eigen woning"

Geef je de lening niet op bij de Belastingdienst, dan verlies je het recht op renteaftrek. Dit is een veelgemaakte fout bij familieleningen voor de eigen woning. Controleer de regels op de website van de Belastingdienst of vraag een adviseur om hulp.

Een concreet voorbeeld: stel dat je ouders je €80.000 lenen voor de aankoop van een woning. Je betaalt 2,5% rente per jaar, dat is €2.000 per jaar of ruim €166 per maand. Die rente is aftrekbaar als je voldoet aan de eisen. Als je de lening niet opgeeft, is die €2.000 niet aftrekbaar en betaal je meer belasting dan nodig. Dat loopt over een looptijd van 30 jaar op tot een aanzienlijk bedrag.

Let ook op het moment van registreren. De opgave bij de Belastingdienst moet voor 31 december van het belastingjaar zijn gedaan om de rente in dat jaar te mogen aftrekken. Ben je halverwege het jaar gestart? Dan doe je de opgave vóór het einde van dat jaar.

Meer over lenen zonder tussenkomst van een bank lees je in het artikel over Valkuilen bij leningen zonder BKR-toetsing.

Wat als de lener niet kan terugbetalen?

Dit is de moeilijkste situatie bij een familielening. Wat doe je als je broer, zus of kind niet meer kan aflossen? Ga je dan handhaven, of doe je alsnog een stap terug?

In juridische zin kun je als uitlener naar de rechter. Maar in de praktijk kiezen de meeste families voor een informele oplossing: de aflossing uitstellen, de lening omzetten in een schenking of kwijtschelden.

Let op de fiscale gevolgen van kwijtschelding. Als je de lening kwijtscheldt, kan dat worden gezien als een schenking van het openstaande bedrag. Afhankelijk van het bedrag en de relatie kan schenkbelasting van toepassing zijn.

Denk hier vooraf over na. Bespreek ook wat je verwacht als het geld er niet (meer) is. Heldere afspraken vooraf voorkomen ruzie achteraf.

Een tussenoplossing die niet genoeg wordt gebruikt: het tijdelijk pauzeren van de aflossing. In plaats van de lening volledig kwijt te schelden, spreek je af dat er een periode van — zeg — zes maanden geen aflossing hoeft te zijn. Na die periode wordt de normale aflossing hervat. Dit kan helpen als de lener tijdelijk in moeilijkheden zit maar waarschijnlijk weer op de been komt. Leg dit vast in een aanvulling op de overeenkomst.

Als de lener ernstige financiële problemen heeft — denk aan schuldsanering of faillissement — dan maakt de openstaande familielening ook deel uit van de schulden. Bij een WSNP-traject (Wet schuldsanering natuurlijke personen) wordt de familielening behandeld als gewone schuld. Als uitlener zit je dan mogelijk jaren te wachten op terugbetaling, of je krijgt slechts een deel terug. Dit is een scenario om van tevoren over na te denken als de financiële situatie van de lener al kwetsbaar is.

Alternatieven voor de familielening

Een familielening is niet altijd de beste oplossing. Er zijn alternatieven die in bepaalde situaties beter passen:

  • Schenking: als je het geld toch niet terugverwacht, is schenken eerlijker en eenvoudiger. Let op de vrijstellingen en aangifte.
  • Persoonlijke lening bij een bank: meer zekerheid over voorwaarden, maar BKR-toetsing en hogere rente.
  • Schuldhulpverlening: bij mensen met schulden is een familielening niet altijd verstandig. Een schuldhulpverlener kan beter helpen.
  • Borgstelling: in plaats van geld lenen, staat een familielid garant bij een bank. Dit is juridisch complex maar kan helpen.

Overweeg goed welke optie het beste past bij de situatie. Laat je bij twijfel adviseren door een financieel adviseur of notaris.

Een optie die minder bekend is, is de combinatie van lening en schenking. Ouders lenen een bedrag en schenken elk jaar een deel van de schuld kwijt, binnen de jaarlijkse vrijstelling. Zo daalt de schuld geleidelijk zonder dat er belastingaangifte nodig is. Dit vereist zorgvuldige planning, maar kan belastingtechnisch voordelig zijn. Laat je hierover altijd adviseren door een belastingadviseur.

Een andere mogelijkheid is een lening via een erkende kredietbank of gemeentelijke bank. Sommige gemeenten bieden bewoners met beperkte toegang tot regulier krediet een lening aan tegen gunstige voorwaarden. Dit is transparanter dan een familielening en heeft minder risico voor de familierelatie.

Praktische tips voor een soepele familielening

Een goede familielening staat of valt met heldere communicatie en duidelijke afspraken. Hier zijn enkele concrete tips:

  • Doe alles via de bank: maak bedragen over per bankoverschrijving, zodat je altijd kunt bewijzen wanneer het geld is overgedragen.
  • Stel de overeenkomst op vóórdat het geld wordt overgedragen: niet achteraf.
  • Gebruik een aflossingstabel: maak vooraf een schema van wanneer wat terugbetaald wordt. Dit voorkomt onduidelijkheid.
  • Bespreek wat er gebeurt bij overlijden: wat als de uitlener overlijdt? Wordt de lening dan verrekend met de erfenis? Leg dit vast.
  • Geef de lening op bij de Belastingdienst als het gaat om een lening voor de eigen woning.
  • Praat openlijk over verwachtingen: denk de uitlener en de lener hetzelfde over de terugbetaling? Vraag het expliciet.

Voeg aan die aflossingstabel ook een kolom toe voor de betaalde rente. Zo heb je direct een overzicht dat je kunt gebruiken voor de belastingaangifte. Bewaar alle bankafschriften waarop rente- en aflossingsbetalingen zichtbaar zijn. De Belastingdienst kan achteraf om bewijs vragen, soms jaren na het afsluiten van de lening.

Evalueer de lening minstens eenmaal per jaar. Klopt het aflossingsschema nog met de financiële situatie van de lener? Zijn er wijzigingen nodig? Een korte jaarlijkse bespreking voorkomt dat kleine problemen uitgroeien tot grote conflicten. Je kunt dit ook combineren met een familiebijeenkomst, maar zorg dat het een serieus moment is — niet iets dat tussen neus en lippen door wordt besproken.

Wat als er erfgenamen bij betrokken zijn?

Stel: ouders lenen geld aan één kind. Later overlijden de ouders. De andere kinderen zijn dan mede-erfgenamen. De openstaande lening maakt dan deel uit van de nalatenschap.

Is de lening niet schriftelijk vastgelegd, dan kan het kind dat geld heeft gekregen beweren dat het om een schenking ging. De andere erfgenamen moeten dat dan maar accepteren of aanvechten voor de rechter.

Met een goede schriftelijke overeenkomst is dit probleem te voorkomen. Overleg ook met een notaris als je wilt dat de lening bij overlijden automatisch wordt verrekend in de verdeling van de erfenis.

Er is een extra complicatie als de uitlener overlijdt terwijl de lening nog loopt. De vordering — het recht om het geld terug te eisen — gaat dan over op de erfgenamen. Als de erfgenamen meerdere kinderen zijn, waaronder de lener zelf, dan wordt het ingewikkeld. De lener erft mede een vordering op zichzelf. In de praktijk wordt dit opgelost door verrekening bij de erfenisverdeling: het aandeel van de lener in de vordering wordt verrekend met zijn erfdeel. Dat kan tot conflicten leiden als de erfenis klein is en de lening groot. Een notarieel testament met duidelijke instructies voorkomt dit soort situaties.

Als de uitlener overlijdt vóórdat de lening volledig is terugbetaald, moet de openstaande schuld ook worden opgenomen in de aangifte erfbelasting. Dit is een schuld van de nalatenschap. De waarde van de nalatenschap wordt hierdoor lager, wat gunstig kan zijn voor de erfbelasting. Maar het moet wel correct worden aangegeven.

Belangrijk om te weten

Dit artikel is informatief en geen financieel advies. Geld lenen kost geld. Leen alleen bedragen die je verantwoord kunt terugbetalen. Twijfel je? Neem dan contact op met een onafhankelijk financieel adviseur, je gemeente of een geregistreerde schuldhulpverlener. Meer info bij de AFM en de BKR.

familielening leningovereenkomst zakelijke rente schenking Belastingdienst

Veelgestelde Vragen

Gerelateerde Artikelen